1 tegen 100
Twee teams spelen om de beurt een punt tegen één speler van de tegenpartij. Alleen jouw team scoort.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Speel de bal naar iemand die hem met één hand in het doel smasht.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Hele zaal · 21 × 12 m · 17 onderdelen
Wat heb je nodig
Twee teams verdedigen hun eigen doel en proberen bij het andere te scoren met een smash. Lopen met de bal mag, maar dan door hem steeds met je hand omhoog te tikken — precies het omgekeerde van dribbelen. Scoren doe je niet zelf: je gooit de bal naar een teamgenoot die hem met één hand in het doel smasht. Alleen de keeper mag in het keepersgebied komen. Doordat je altijd iemand nodig hebt om af te ronden, is er geen speler die het spel alleen kan beslissen.
1. Afhankelijk van de kwaliteit van de aanvallers en de verdedigers kan de lesgever zelf de regels bepalen met betrekking tot het winnen van de activiteit. Wanneer de verdedigers te goed zijn, kan er gekozen worden om bijvoorbeeld 5 van de 10 blokjes om te laten gooien. Bij minder goede verdedigers kan het verhoogd worden naar bijvoorbeeld 11 van de 12. 2. Probeer als lesgever gelijkwaardige teams te maken. Wanneer dit gebeurt is, kan de lesgever ook voor de regel kiezen: De winnaar blijft staan. Wanneer een team 3x achter elkaar gewonnen heeft, moet het wel wisselen met het team dat op de bank zit.
Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.
Een groter keepersgebied.
Een grotere bal of een kleiner keepersgebied.
Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 3 · groep 6-8.
Keeperspelen
Met een bal een tegenstander (keeper) passeren om een doel te raken terwijl de tegenspeler probeert de bal te onderscheppen en het doel te verdedigen
Lummelspelen
Met een bal een tegenstander (lummel) passeren om een medespeler te bereiken terwijl de tegenspeler probeert de bal te onderscheppen om zelf in balbezit te komen
Mikken
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen
Wegspelen
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen
Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.
Zorg dat leerlingen tikken met platte hand en afstand bewaren tot obstakels.
Deze beweegactiviteit versterkt onderling vertrouwen, communicatie en samenwerking. Bekijk de didactische leerkrachttips, klassengesprekken en Tuckman-fasen op GoudenWeken.app.
Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen
Niet ingelogd?
Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.
Reviews laden…
Twee teams spelen om de beurt een punt tegen één speler van de tegenpartij. Alleen jouw team scoort.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Geef de bal door terwijl de klas het alfabet opzegt — wie hem bij de Z vasthoudt, mag een basket gaan proberen.
Bron: Let's Leap Sports Academy
Vier teams, vier vakken, één shuttle. Wie de fout in gaat is af; het laatste team wint.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland