1 tegen 100
Twee teams spelen om de beurt een punt tegen één speler van de tegenpartij. Alleen jouw team scoort.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Spring in de trampoline en mik op het hoogste punt op je eigen pylonen.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Hele zaal · 21 × 12 m · 22 onderdelen
Wat heb je nodig
Twee teams proberen als eerste hun eigen vier pylonen om te krijgen. Het eerste kind rent met een bal in de hand, springt in de trampoline en mikt op het hoogste punt op de pylonen. Daarna landt het op de dikke mat, haalt de bal op en geeft die aan de volgende gooier. Mikken op het hoogste punt is de hele oefening: te vroeg gooien werkt niet en te laat ook niet. Speel met twee banen naast elkaar, dan is er weinig wachttijd.
Je kunt sterrenspelers toevoegen aan het spel: elk kind die het moeilijker wil maken voor zichzelf krijgt een gele medaille om (geel lintje) hij moet altijd vanaf de 2 meter belijning schieten. Hij heeft hier verder geen voordeel van, het is puur om de betere bewegers uit te dagen.
Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.
De pylonen verder weg.
De pylonen dichterbij.
Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 3 · groep 6-8.
Keeperspelen
Met een bal een tegenstander (keeper) passeren om een doel te raken terwijl de tegenspeler probeert de bal te onderscheppen en het doel te verdedigen
Lummelspelen
Met een bal een tegenstander (lummel) passeren om een medespeler te bereiken terwijl de tegenspeler probeert de bal te onderscheppen om zelf in balbezit te komen
Vrij springen
Afzetten om lang in de lucht te zweven
Steunspringen
Afzetten om lang te zweven voor en/of na de handenplaatsing op een steunvlak
Mikken
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo precies mogelijk in of tegen een mikdoel te krijgen
Wegspelen
Wegspelen van een speelvoorwerp om dit zo hard en/of ver mogelijk weg te krijgen
Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.
Eén springer tegelijk per baan; de volgende vertrekt pas als de mat vrij is. Controleer of de landingsmat strak tegen de trampoline ligt.
Deze beweegactiviteit versterkt onderling vertrouwen, communicatie en samenwerking. Bekijk de didactische leerkrachttips, klassengesprekken en Tuckman-fasen op GoudenWeken.app.
Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen
Niet ingelogd?
Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.
Reviews laden…
Twee teams spelen om de beurt een punt tegen één speler van de tegenpartij. Alleen jouw team scoort.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland
Geef de bal door terwijl de klas het alfabet opzegt — wie hem bij de Z vasthoudt, mag een basket gaan proberen.
Bron: Let's Leap Sports Academy
Vier teams, vier vakken, één shuttle. Wie de fout in gaat is af; het laatste team wint.
Bron: Combinatiefunctionarissen Sport van de gemeente Zwartewaterland