Functietrefbal
Elke speler heeft een vaste functie — gooier, tikker of roller — en mag alleen doen wat bij die rol hoort.
Bron: Playworks Game Guide
Word je geraakt, dan ga je niet naar de kant, maar wissel je meteen naar het andere team.
Bron: Playworks Game Guide
Hele zaal · 21 × 12 m · 13 onderdelen
Wat heb je nodig
Dit speelt als gewoon trefbal — onder de taille raken, gevangen worden of buiten de lijnen lopen betekent 'uit' — maar in plaats van naar een wachtvak te gaan, loopt wie 'uit' is meteen naar de kant van het andere team en speelt daar verder mee. Het spel is klaar zodra iedereen op één kant staat.
Dit spel eindigt vaak sneller dan verwacht — hou een tweede ronde achter de hand.
Hetzelfde spel moet in groep 3 én groep 8 werken. Dit zijn de knoppen waaraan je draait.
Speel meerdere korte rondes na elkaar in plaats van één lange.
Tel bij tot welk team aan het eind het grootst is geworden.
Beperk het aantal ballen voor een rustiger tempo.
Volgens de inhoudslijnen bewegingsonderwijs van SLO oefen je hiermee aan de volgende thema's. De doelen hieronder horen bij fase 3 · groep 6-8.
Tikspelen
Een loper bedreigen door deze te willen tikken, terwijl de loper probeert het tikken te voorkomen
Afgooispelen
Bedreigen van een loper door deze af te willen gooien, terwijl de loper probeert het afgooien te voorkomen
Bron: SLO, Inhoudslijnen primair onderwijs — Bewegingsonderwijs (juli 2018). De koppeling met deze les is een voorstel op basis van het speltype en de beschrijving.
Alleen onder de taille gooien; spreek een duidelijke consequentie af voor een worp naar het bovenlichaam.
Geverifieerde leerkrachten of gasten (na goedkeuring) — echte ervaringen
Niet ingelogd?
Log in met je schoolmailadres, of ga verder zonder account — dat wordt dan wel eerst door een beheerder bekeken voordat het zichtbaar wordt.
Reviews laden…
Elke speler heeft een vaste functie — gooier, tikker of roller — en mag alleen doen wat bij die rol hoort.
Bron: Playworks Game Guide
Met een open hand sla je de bal naar anderen — raak je iemand onder de knie, dan ligt hij eruit, maar jij mag de bal maar één keer achter elkaar aanraken.
Bron: Playworks Game Guide
Iedereen draagt twee vlaggetjes aan een riem — word je geraakt of pakt iemand een vlaggetje af, dan lever je er één in, maar je blijft meespelen.
Bron: Playworks Game Guide